1. Inleiding
Hoe zijn de woonwinkels ontstaan?
In de loop van de jaren negentig namen mensen in wijken en gemeentes initiatieven om de woonsituatie van de inwoners te verbeteren. Ze voelden aan dat ze de kwaliteit van de woningen én de levenskwaliteit van de bewoners het best konden verbeteren als ze de knelpunten en oplossingstrategieën samen bekeken. Zo ontstonden her en der woonwinkels.
Elke woonwinkel werkt anders, want op maat van de behoeften die leven binnen het eigen werkgebied.
Daarom verschillen ook de benamingen van de woonwinkels en treffen we ook 'woonwijzer' en 'wooninformatiecentrum' aan. Het woonwinkeloverleg kiest vanaf nu voor de term 'woonwinkel' om verwarring te voorkomen.
Waarom een missieverklaring?
In een missieverklaring verwoordt een organisatie visie en kerntaken. Wij willen in de onze het begrip 'woonwinkel' verduidelijken zodat iedereen in Vlaanderen er hetzelfde onder verstaat. Zo versterken we de samenhang en de identiteit van de woonwinkels. Ook kunnen we dan makkelijker structurele ondersteuning vragen aan de lokale, provinciale en landelijke overheden.
De missieverklaring wordt dus de gemeenschappelijke vlag die de kernlading van de woonwinkels dekt. Alle openbare of privé organisaties of diensten die de missie en manier van werken onderschrijven, mogen zich 'woonwinkel' noemen.
Het woonwinkeloverleg
We hebben in 1996 het 'Woonwinkeloverleg' opgericht om kennis op te bouwen, ervaringen uit te wisselen en de belangen van de aparte woonwinkels te verdedigen. Elke woonwinkel kan aan het driemaandelijkse overleg deelnemen. Het Vlaams Overleg Bewonersbelangen (VOB) en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) nemen er ook aan deel.
Het woonwinkeloverleg heeft de gemeenschappelijke visie uitgeklaard en de missieverklaring is opgesteld.
2. Missieverklaring Woonwinkels
2.1 Kernopdracht Woonwinkels
Iedereen heeft recht op menswaardig wonen . Daarom moet iedereen beschikken over een aangepaste woning van goede kwaliteit, in een behoorlijke omgeving en tegen een betaalbare prijs met woonzekerheid. Woonwinkels helpen dit recht te verwezenlijken en hebben twee kernopdrachten:
- · mensen ondersteunen zodat ze hun behoefte aan een aangepaste woning realiseren;
- · het beleid ertoe bewegen om het woonrecht voor iedereen te verwezenlijken.
2.2 Woonwinkels in het kort
Woonwinkels willen de woonsituatie van de bewoner concreet verbeteren. Ze sensibiliseren, informeren, adviseren, begeleiden en verwijzen mensen met vragen of moeilijkheden over kwalitatief wonen (zie 1).
Woonwinkels werken lokaal of intergemeentelijk. Ze streven naar een zo laag mogelijke drempel, werken 'op maat' van de mensen, met bijzondere aandacht voor zwakkere groepen op de woonmarkt (zie 2).
De sterkte van de woonwinkels ligt bij de specifieke methodiek die ze hanteren. Deze methodiek slaat op opentrekken van de vraag, werken op maat van de bewoner en geïntegreerd werken (zie 3).
Woonwinkels stellen zich op als een actieve partner in het woonbeleid (zie 4).
2.3 Woonwinkels toegelicht
1. Woonwinkels willen de woonsituatie concreet verbeteren.
Het begrip woonsituatie slaat daarbij zowel op de kwaliteit van de woning zelf als op de woonomgeving. De woonwinkels houden rekening met hoe de bewoner leeft.
2. Woonwinkels besteden bijzondere aandacht aan zwakkere groepen.
De woonwinkels staan open voor iedereen met vragen over wonen, ongeacht of hij huurder, eigenaar of verhuurder is. Wél besteden ze bijzondere aandacht aan de zwakkere groepen op de woonmarkt. Sommige mensen slagen er alleen immers niet of moeilijk in om hun rechten te doen gelden op de woonmarkt (premies, sociale woningen, privé huurmarkt, rechten van huurders en verhuurders, kwaliteitsnormen,…) De woonwinkels besteden meer tijd aan de zwakkeren en passen hun methodes aan (zie 3).
3. Woonwinkels hebben een specifieke methodiek.
Elke woonwinkel wil elke vraag vanuit alle kanten belichten om de beste oplossingen eruit te halen. Ze bekijken een vraag daarom zowel sociaal, technisch, budgettair, juridisch, als administratief. Door actief te luisteren en te informeren krijgen de mensen op de meest volledige manier info, advies en begeleiding. Zo vergroot de zelfredzaamheid van de klant. De woonwinkels adviseren en begeleiden mensen maar verwijzen hen ook door naar de meer gespecialiseerde diensten.
Iedereen moet gelijke toegang krijgen tot informatie. Daarom moeten woonwinkels de bestaande informatie aan mensen zo aanbieden dat iedereen ze kan begrijpen. Werken op maat betekent helder en begrijpelijk communiceren én de vraagsteller voldoende tijd geven zodat hij de boodschap en de mogelijkheden goed begrijpt. Zo legt de medewerker van de woonwinkel bijvoorbeeld een huisbezoek af als dat een manier is om vragen én antwoorden het meest duidelijk te maken.
De integrale benadering betekent dat een medewerker van een woonwinkel bouwtechnische informatie, wooninformatie, info over ruimtelijke ordening, sociale info,… en beleidsniveaus bijeen brengt of dat de woonwinkel medewerkers met aanvullende deskundigheid inzet. Ze kan echter ook met andere organisaties, instellingen of gespecialiseerde diensten samenwerken.
4. Woonwinkels stellen zich op als een actieve partner in het woonbeleid.
Woonwinkels vinden het belangrijk dat de overheid hun ervaring vertaalt in een goed woonbeleid. Zo verbeteren de woningen en de woonomgeving structureel, op maat van de bewoners en met aandacht voor de zwakkere doelgroepen.
Woonwinkels wegen daarom actief op het woonbeleid, zowel lokaal, provinciaal als landelijk. Hun aanpak garandeert een grote en unieke deskundigheid in domeinen van het woonbeleid.
24 januari 2004